Concert 7 oktober 2017, Hervormde Kerk van Sprang

et slotconcert van de serie 2017 vond plaats in de Hervormde Kerk van Sprang. De kerk dateert uit de 14e eeuw, het prachtige orgel van H. Houben uit het jaar 1728. De laatste restauratie van dit instrument werd in 2009/2010 verricht door de Firma Flentrop uit Zaandam. Organist Frans Bullens (Dongen) opende het concert met de Chiaconne in e min.van D. Buxtehude (1637-1707). Bij een Chiaconne wordt het thema telkens herhaald in het pedaal. Op het manuaal is een voortdurende wisseling van harmonieën en ritmes. Dit orgelwerk werd door de organist met verve gebracht. Opvallend waren de mooie registratiewisselingen De Musikalische Exequien van H. Schütz (1585-1672) uitgevoerd door Tourdion met begeleiding van clavecimbel en vioala di gamba klonken sfeervol in de historische kerk. Het houten plafond is debet aan de goeie akoestiek van het gebouw. Deel 1 van de Musikalische Exequien kenmerkte zich door verzorgde uitgangen van het woord, tekstuitbeelding en mooie cadans. Bij deel 2 werd het koor verdeeld in twee kleine koren, links en rechts opgesteld van dirigent Rick Muselaers. Een geïnspireerde vertolking was het resultaat. De rustpunten in het 3e deel brachten een serene sfeer teweeg. Clavecinist Eelco Kooiker en gamba speler Martijn Verbrugh begeleidden het koor voortreffelijk. Bach’s “Adagio e dolce” uit de derde triosonate voor orgel werd door de organist op muzikale wijze uitgevoerd met een sprekende registratie. Sonate no. VI voor orgel van F. Mendelssohn is gebaseerd op het gezang “Vater unser”. In alle delen van het werk komt deze melodie terug. In het “Allegro molto” gebeurt dit met zéér snelle noten. Frans Bullens toonde zich een vakkundig organist in deze met volle overtuiging gespeelde sonate. “Hör mein Bitten” van F. Mendelssohn was het slotstuk van de avond. In deze antifoon wisselen koor en sopraan elkaar af of zingen gelijktijdig dit gezang. Corina de Peuter zong haar partij vol overgave waarbij koor én orgel haar prima volgden.

Concert 11 juli 2017, Sint Jan in Waalwijk

e in Baja, Hongarije, geboren Nóra Dudás trad op in het concert, het laatste vóór de zomervakantie. De belangstellende bezoekers kregen een programma voorgeschoteld met uitsluitend werk van Hongaarse componisten. Nóra liet zich kennen als een integere vertolkster van muziek van eigen bodem. Dit uitte zich in het toepassen van subtiele registraties en evenwichtige forti. Haar interpretatie van Liszt’s Via Crucis als laatste werk maakte véél indruk. Nóra startte met de Fantasie in D mineur van Szilárd Kovács (1976). Het preludium werd met ingehouden klank gepresenteerd. Daarentegen de fuga mét tongwerken waardoor de pedaalmelodie “Nun komm der Heiden Heiland” duidelijk was te volgen. Een fraaie compositie met een stralend slot. Het 2e werk dat de organiste liet horen was van Zoltán Gárdonyi (1906-1986). Het intro was zeer virtuoos en werd gevolgd door variaties in verschillende klankkleuren en wisselende beweging. De compositie sloot met een lang aangehouden D in het pedaal en een lang klinkend slotakkoord. De partita van Isván Koloss (1932-2010) heeft een grootse inleiding waarna zeven korte variaties volgen in telkens prachtige ietwat moderne orgelklanken. De SOW kan reeds terugzien op 4 zeer geslaagde concerten van de serie 2017.

Concert 20 juni 2017, Kerk a/d Haven in Waalwijk

arc Schippers (orgel) en Enide Lebrocquy (sopraan) waren de musici die op dinsdag 20 juni in de Kerk a/d Haven het derde concert van de serie 2017 gaven. Marc Schippers opende het concert met Bach’s Praeludium in c mineur BWV 546. In een stevig tempo werden de akkoorden aan het begin van het praeludium neergezet. Het fuga-thema werd zeer duidelijk gearticuleerd en consequent uitgevoerd. Dat het van Oeckelen-orgel over erg mooie registers beschikt werd in Balletto del Granduca van Sweelinck gehoord. Rustige delen werden afgewisseld met virtuoze gedeeltes. Een compliment voor de organist in het vinden van de prachtige registratie voor dit stuk. Sopraan Enide Lebrocquy liet in de “Drie Geistliche Konzerte” van H. Distler haar stem klinken als een nachtegaal. In “Freut euch, in dem Herren allerwege” was haar interpretatie echt vreugdevol. In “Liebe Brüder, Schicket euch in die Zeit” was de berusting voelbaar. Orgel en zang hielden elkaar goed in evenwicht. “Schmücke Dich, o liebe Seele” is een koraal uit de zgn. 18 Choralen van Bach. De cantus firmus (melodie) is rijkelijk versierd. Een werk van Bach waarvan Mendelssohn schreef: “als het leven je hoop en vertrouwen heeft ontnomen, brengen deze 18 koralen (waarvan “Schmücke dich” er één van is) je weer tot (nieuw) leven. Het koraal werd door Marc zonder opsmuk uitgevoerd. Brahms “Praeludium und Fuge in G-moll” is geënt op snelle virtuoze passages in het praeludium. De fuga is een en al degelijkheid met een verdicht klankidioom. Het werk van Daan Manneke “Bonum est confiteri Domino” is gebaseerd op een oud gezang uit de katholieke kerk alsook de protestante kerk (Calvijn). Marc en Enide brachten een gave vertolking van deze compositie uit 2016. De orgelcompositie “Toccata in seven” van John Rutter besloot dit concert. Een zéér goede indruk lieten de musici bij de toehoorders achter.

Concert 16 mei 2017, Kerk a/d Haven in Waalwijk

et interieur van de Kerk a/d Haven is veranderd. De banken in het kerkgebouw zijn vervangen door stoelen. Voor de toehoorders van het orgel-/gitaarconcert van dinsdag 16 mei 2017 een mogelijkheid met het gezicht naar het orgel het concert te volgen. Een unieke combinatie orgel én gitaar. Zowel Gerard Habraken (orgel) als Frank Lamm (gitaar) wisten uit hun instrument betoverende klanken te halen. Gerard beet de spits af met twee orgelwerken op enthousiaste wijze gespeeld. Het tweede stuk (M. Schildt: Gleich wie das Feuer) werd in een zeer mooie afwisseling met fluiten en tongwerken verklankt. Op een 18e eeuwse gitaar speelde Frank een Grand Ouverture van Giuliani. Aangename, virtuoze muziek met zwier gepresenteerd. Van Cherubini speelde de organist de Sonate in F. Dit Flötenuhr-stuk had geschreven kunnen zijn voor het van Oeckelen-orgel. Frank vertolkte op fraaie wijze de gitaarcompositie van Piazolla: melodieus, rauw en hartstochtelijk. Het stuk voor gitaar en orgel van E. Arro was een eyopener: het werk is geënt op volksmuziek en zéér ritmisch met ongewone samenklanken. Lough Carrah voor gitaar van G. Ryan bracht het publiek in een dromerige, melancholische stemming. Daarop sloot het orgelwerk van R. Vaughan Williams nauw aan. De laatste twee nummers van dit concert waren voor het orgel en de gitaar. M. la Haye schreef twee korte werkjes: bij het eerste werd het orgel min of meer begeleid door de gitaar en bij het laatste hielden beide instrumenten elkaar in evenwicht. Het tweede concert van de serie 2017 kreeg daarmee een waardige afsluiting.

Concert 1 oktober 2016, Sint Jan in Waalwijk

p zaterdag 1 oktober sloot de Stichting Orgelkring Waalwijk haar concertreeks 2016 af met een zeer gevarieerd concert in de St. Jan te Waalwijk. De aanwezige toehoorders waren zeer ingenomen met deze uitvoering. Hannie en Mieke van Huijgevoort brachten duetten van componisten uit de tweede periode van de 17 e eeuw tot eind 19e eeuw. Al deze werken werden met begeleiding van het Bosch Blazers Ensemble en organist Veronique van den Engh kundig uitgevoerd. Mooie vertolkingen waren er o.a. van de aria “Bester Jüngling” van W.A. Mozart, “De torrente” van G.Fr. Händel en “D’un coeur qui táime” van Ch. Gounod. De organiste van de kathedraal van Den Bosch, Veronique van den Engh, speelde met veel verve “Suite Gothique” van Boëlmann en verfijnd “Élevation ou Communion” en la-mineur van Léfebure-Wély. Het Bosch Blazers Ensemble o.l.v. Marnix van den Berg opende hun optreden met de ouverture van W.A. Mozart uit diens “Schauspieldirektor”: een mooie uitvoering. Met drie delen uit Dvorak’s “Tsjechische Suite zetten zij de toon na de pauze. Het laatste deel uit deze vijfdelige suite werd voortvarend uitgevoerd. De bloemenhulde na afloop van het concert aan de zangeressen, organiste en dirigent was zéér verdiend. Een mooie afsluiting van de serie 2016 door de Orgelkring.

Concert 19 juli 2016, Witte kerkje in Besoyen

e klavecinist en organist Hugo Bakker uit Utrecht trad op tijdens het voorlaatste concert in de serie 2016 van de Stichting Orgelkring Waalwijk. Vooraf gaf Hugo een toelichting op zijn programma. Met name attendeerde hij op stijl van de Engelse componisten (virginalisten) zoals bijv. Bull (1562-1628) en Italiaanse componisten zoals Frescobaldi (1583-1643). Het klavecimbel dat Hugo Bakker bespeelt is een kopie van een 16e eeuw Italiaans klavecimbel. Hugo Bakker is een uitermate bekwaam speler van 16e, 17e en 18e eeuwse composities. Zonder opsmuk en op eerlijke wijze werd er gemusiceerd. De vijf klavecimbelwerken met beweeglijke linker- en rechterhand werden fraai evenwichtig verklankt op het eigen instrument. Het orgel vormde een groot contrast met het klavecimbel in geluidssterkte. De toccata prima van Frescobaldi werd een feestelijke toccata mede door de mooi gekozen registratie. John Bull’s werkje (In nomine) klonk prachtig met de gekozen fluit 8’. Sweelinck’s toccata in g met virtuose passages werd briljant neergezet. Reincken’s Fuga in g met vele toonsherhalingen is een dankbare compositie om te spelen. De technische kwaliteiten van de organist komen hierbij boven drijven. Toccata in d van Froberger en de Canzona in G van Buxtehude waren strelend voor het oor. In Georg Muffat’s Toccata prima werd het pedaal van het orgel benut. Het werk is een uitbundige compositie die met alle registers van het Vollebregt-orgel deze avond besloot. De kleine, intieme kerkruimte droeg bij tot een uitstekend geslaagd concert.

Concert 21 juni 2016, Hervormde Kerk van Waspik

oor het eerst sinds jaren organiseerde de SOW op dinsdag 21 juni een concert in de Hervormde Kerk van Waspik in samenwerking met muziekcommissie van deze kerk. Met Willem Hörmann aan het orgel en het Bosch Blazers Ensemble o.l.v. Marnix van den Berg werd er vol overgave gemusiceerd en wist Willem Hörmann aan het orgel fraaie klanken te ontlokken. Een orgelcompositie van Flor Peeters vormde de opening van de avond: met trompetgeschal en mooie legato-lijnen fraai neergezet. Een driedelige compositie van Telemann werd met de Cornet uitgevoerd waarbij opviel dat de herhaling van het eerste deel (na het langzame deel) in een sneller tempo werd uitgevoerd dan de 1e keer. De ouverture Die Fledermaus van het BBE “vloog” van lieverlee dansend door de kerk. Met een anoniem werk van een Spaanse orgelcomponist werden de fluiten van hoofdwerk en positief tegen elkaar uitgespeeld. Het slot was zeer verrassend. Het concert van Corelli confronteerde de toehoorder met de duidelijk waarneembare middentoonstemming van het De Crane orgel. Caplet’s Suite Persane gespeeld door het BBE bracht de toehoorders in Perzische sferen. Aandachtig volgden de muzikanten de aanwijzingen van de dirigent. Frescobaldi’s Toccata per l’Elevatione sloot qua klank nauw aan op het voorgaande werk van Caplet. Het stuk klonk prachtig op dit orgel. Het Divertimento van Haydn vormde een prima afsluiting van het orgelaandeel deze avond: overtuigend en vrolijk vertolkt door Willem Hörmann. Bij het slotstuk van het BBE viel de warme toon op van het ensemble. De akoestiek van de Hervormde Kerk was hier ook debet aan. Met dirigent Marnix van den Berg brak het ensemble een lans voor de Tsechische Suite van Antonin Dvorak.

Concert 17 mei 2016, Sint Jan in Waalwijk

e organist Jan van Mol opende dit concert met het “Concerto del Signr. Meck, appropriato all’ organo” (J.G. Walther). Een speels stuk waarbij opviel dat hij deel 1 zonder mixtuur speelde, deel 2 met de sesquialter van het tweede manuaal en het slotdeel met veel klavierwisselingen uitvoerde waarbij hij de trompet van het eerste klavier benutte. “Nulla in mundo” (A. Vivaldi) voor sopraan en met begeleiding van het orgel maakte diepe indruk door de prachtige versmelting van de klank van het orgel en de zang. Jan van Mol speelde daarna een bewerking van het eerste deel van “Eine kleine Nachtmusik” (W.A. Mozart). Een bijzondere gewaarwording dit overbekende muziekstuk te horen op het orgel. Een fraaie vertolking viel dit stuk ten deel. Van dezelfde componist hoorden we “Ridente la calma” en “Die Zufriedenheit.” De voordracht van Cristel de Meulder bij deze liederen boeide zeer waarbij Jan van Mol haar bekwaam ondersteunde. Hierna volgde de “Pastorale” (C. Franck). De componist droeg het werk op aan orgelbouwer A. Cavaillé-Coll (1811-1899) vanwege diens vinding: de trompette-harmonique. Een waar pleidooi hield van Mol voor dit werk. Het leek er op dat dit werk was geschreven voor het orgel van St. Jan. “O salutaris” werd met toewijding gezongen en met passende registratie begeleidt op het orgel. Het concert werd met twee werken van Fl. Peeters besloten: “Toccata, Fugue en Hymne sur Ave Maris Stella” én “Speculum vitae” voor sopraan en orgel. Het orgelwerk werd met verve gespeeld, Opvallend was in de Toccata met de melodie van de hymne in het pedaal, de dansende fuga en het slot met een wervelende pedaalpartij en zestiende figuren in beide handen. Beide musici tekenden voor “Spiegel van het leven”. Een opvallend werk uit het oeuvre van Peeters waarbij de Nacht, Morgen, Middag en Avond wordt verklankt. De nacht: eindigend in hoge ligging voor de sopraan en een rustig einde voor het orgel. De morgen: in begeleiding en zang is de ochtend duidelijk voelbaar. De middag: speelsheid en werkzaamheid in de middag. Lichtvoetigheid en vermoeidheid treden op gevolgd door berusting. De avond: in de orgelbegeleiding zijn de kleuren van de avondzon voelbaar. De zangstem zingt de tekst tot slot in het lage register. Een prachtige uitvoering.

Concert 19 april 2016, Hervormde Kerk in Sprang

et Zaltbommels Kamerkoor o.l.v. Jan Opschoor m.m.v. Tommy van Doorn (orgel) brachten op dinsdag 19 april 2016 een concert in de lentesfeer. Een programma met koorwerken en orgelwerken uit de periode 1300 tot ca. 2000. Het koor voerde de werken verzorgd en smaakvol uit. Een mooie, homogene koorklank vulde de kerk van Sprang. Opvallend was de verdeling van het stemmenaantal: een gelijk aantal personen bij sopranen, alten tenoren en bassen. Tommy van Doorn koos voor orgelwerken welke nauw aansloten op de koorwerken. De kundigheid van Tommy uitte zich zowel op het grote orgel boven als op het kleinere orgel beneden. Een organist die zich zonder opsmuk presenteerde als een zéér bekwaam musicus. Echte uitspringers bij het Zaltbommels koor waren “Come live with me” van W.S. Bennet en van G. Holst “I sowed the Seeds of Love”. Bij de werken voor orgel waren “A Trumpet Minuet” van A. Hollins en het “Andante Semplice” E. Tomlinson stukken welke schitterend klonken op het Houben-orgel dat in 2010 door de Firma Flentrop uit Zaandam is gerestaureerd.